Henk van Harten - Topkuil finalist 2014

Hoge Hexel - Wie maakte in 2014 de beste voorjaarskuil? Die vraag stond centraal in een competitie waar ruim 500 melkveehouders aan hebben deelgenomen. Met diezelfde vraag ging de jury van Topkuil langs bij de vier finalisten die na controle van de gegevens bovenaan stonden. Een opvallend detail: twee van de vier finalisten kozen voor Novurea+S als voorjaarsmeststof, namelijk Henk van Harten uit Hoge Hexel en Harm Albring (winnaar Topkuil) uit Drouwenermond. In een interview motiveren ze hun keuze voor deze meststof.

Minder stikstofverliezen

Van Harten bemest zijn eerste snede zwaar en maait relatief laat om meer structuur in de kuil te krijgen. Om binnen deze strategie ongewenste stikstofverliezen te voorkomen, heeft hij goed nagedacht over de keuze van zijn voorjaarsmeststof. Gewassen nemen stikstof overwegend op in de vorm van ammonium (NH4+) of nitraat (NO3-). Gangbare meststoffen, zoals KAS of ASS, bevatten één van deze of beide vormen. “Echter, het gewas vraagt in het voorjaar niet om deze grote hoeveelheden nitraat. Daarom zocht ik naar een meststof waarbij het stikstof geleidelijk vrijkomt en kwam uit bij NovureaS. Mijn dealer heeft veel ervaring met dit product en de meerjarige opbrengstcijfers waren goed”, aldus Van Harten. Wanneer de temperatuur toeneemt wordt door middel van bodemleven NovureaS geleidelijk omgezet naar ammonium en nitraat. “Hiermee sluit de stikstofbeschikbaarheid beter aan bij de behoefte van gras”, aldus Van Harten. Een belangrijk verschil tussen bemesting met ammonium en nitraat is dat ammonium goed wordt gebonden aan organische stof en kleideeltjes. Ammonium is daardoor minder gevoelig voor uitspoeling dan nitraat.

Met structuur kan ik mijn rantsoen sturen

Nitraat wordt in het bodemvocht opgelost om via de wortel te worden opgenomen als verdamping optreedt door het bovengrondse gewas. De bodemtemperatuur moet minimaal 12°C zijn, wil deze opname van nitraat plaatsvinden. Van Harten: “In het vroege koude voorjaar betekende dit voorheen dat de opname van nitraat te wensen overliet en de groei beperkt was. Naarmate de temperatuur steeg, zag je een groei explosie ontstaan met de bekende nitraatophoping tot gevolg. Dit zorgde voor slap gras met minder structuur en een lagere eiwitkwaliteit”. Een bekend fenomeen, volgens Van Harten. “Mijn advies is een ureum / ammonium gebaseerde stikstof te kiezen als voorjaarsmeststof”. Van Harten: “Zelfs bij 5 ton droge stofopbrengst stond het donkergroene gras stevig overeind. Met dit structuurrijke gras in de kuil kunnen mijn koeien het rantsoen beter benutten”.

Zwavel mag niet ontbreken in bemestingsplan

Van Harten laat zich goed adviseren als het gaat om bemesting. De agrarische vakbladen worden goed gelezen en zijn bemestingsadviseur wordt gevraagd om goed beargumenteerde adviezen. Zwavelbemestingsadvies hecht hij veel waarde aan. Zwavel speelt in de plant een rol in de ontwikkeling van eiwitten (aminozuren) en stimuleert de werking van stikstof in de plant. Een tekort resulteert net als stikstofgebrek in een eiwittekort en ziet Van Harten direct terug op de kuiluitslagen.

Achtergrond
Kader: S-tekorten treden vooral op in de eerste en tweede snede, in deze periode komt onvoldoende zwavel beschikbaar uit mineralisatie. De S-behoefte tijdens de derde en vierde snede wordt gedekt via mineralisatie. Een goede zwavelbemesting op grasland is dus van belang. Gras neemt tussen de 75 en 125 kg zwavel per ha per jaar op in de vorm van sulfaat. Dit zwavel kan uitstekend worden toegediend in combinatie met een stikstofbemesting. Zwavel is bovendien het meest efficiënt in combinatie met stikstofbemesting.

Henk van Harten besteedt strooien uit aan specialist

Ten aanzien van de mechanisatie valt op dat Van Harten bewust kiest voor het uitbesteden aan het kunstmest-strooien aan een loonwerker. Zijn lokale loonwerker Lammertink beschikt over een moderne GPS gestuurde RAUCH kunstmeststrooier. Het grote voordeel: de strooihoeveelheid wordt ter linker- en ter rechterzijde gescheiden volautomatisch gemeten en geregeld. Wijzigingen van de loop-eigenschappen worden aan weerszijden afzonderlijk herkend en gecompenseerd. Effecten van trillingen of hellingen hebben geen invloed meer op de doseernauwkeurigheid. “Onderdeel van efficiënte bemesting is het nauwkeurig strooien, zeker als je bewust kiest voor een efficiënte meststof”, aldusvan Harten. “Dat hebben we in deze samenwerking prima voor elkaar”.

Minder werk en lagere strooikosten met Novurea

Van Harten laat zijn meststoffen in bulk afhalen bij zijn lokale dealer in Daarle. Voor zijn 32 ha grasland heeft Van Harten 9 ton NovureaS (38%N) nodig, voldoende voor twee applicaties, die hij in meerdere ritten door zijn loonwerker laat afhalen. “Dankzij de hoge concentratie stikstof in NovureaS, hoeft mijn loonwerker minder vaak naar Daarle toe om zijn strooier te vullen. Hij heeft meer kilo’s zuivere stikstof in zijn strooier, in vergelijking tot KAS (27%N). Met één volle strooier kan hij meer hectares strooien, dit is een efficiëntie- stap die we terug zien in het scherpe strooitarief”.

Tot slot.

Henk en Ina van Harten zijn trots op het behalen van een finaleplek in de Topkuil competitie. Daarbij is het delen van ervaringen met collega-veehouders een must. Topkuil competitie is hiervoor een mooi platform. Voor het komende seizoen staat NovureaS opnieuw als voorjaarsmeststof op het programma. Van Harten benadrukt dat het juiste tijdstip van maaien en strooien, de weersinvloeden en een goed inkuilmanagement onlosmakelijk verbonden zijn met het realiseren van een Topkuil. Ze wensen de deelnemers aan Topkuil 2015 veel succes toe!

Achtergrondinfo:
Topkuil is een initiatief van Melkvee.nl samen met BLGG AgroXpertus, OCI Agro, Plantum, Reesink en Countus. Topkuil is een wedstrijd voor de beste voorjaarskuilen en een platform om kennis te delen die leidt tot betere graskuilen. 

Deel deze pagina